Gebruik antibiotica in de diergeneeskunde

Het gebruik van antibiotica in de diergeneeskunde staat zwaar ter discussie. De enorme toename van (multi-)resistentie bij bacteriën tegen antibiotica, zowel bij dieren als bij de mens, is toe te schrijven aan het onjuist en (in het verleden) overvloedig gebruik van deze middelen. Om deze ontwikkeling een halt toe te roepen is er in 2009 een werkgroep opgericht om nieuwe richtlijnen op te stellen voor het gebruik van antibiotica in de diergeneeskunde.

In 2011 is deze wetgeving al ingevoerd voor landbouwhuisdieren. In die sectoren is er al zeer veel resultaat geboekt: meer dan 70% reductie in het gebruik van antibiotica in 3 jaar tijd.

Sinds januari 2013 is diezelfde wetgeving ook van kracht in de gezelschapsdieren- sector.

Doel

Het doel is te zorgen dat mens en dier in de toekomst nog behandeld kunnen worden met antibiotica. Momenteel ligt de ontwikkeling van nieuwe middelen praktisch stil; er zit dus weinig nieuws in de pijplijn. Daarom moeten we met de huidige middelen zeer zorgvuldig omgaan.

Praktisch

In de praktijk zal dit tot het volgende leiden:

  • De dierenarts zal alleen antibiotica voorschrijven indien dit strikt noodzakelijk is
  • De dierenarts zal de natuurlijke afweer van uw dier vaker zijn werk laten doen. In zo’n geval kunnen de symptomen (braken, koorts, pijn, enz.) vaak wel behandeld worden
  • Er zal vaker gekozen worden om een kweek te maken van een infectie, om uit te maken welk antibioticum het beste zal werken voor die specifieke infectie
  • Een kweek is wettelijk verplicht bij de aanwending van de zgn. 3e keuzemiddelen (dit zijn antibiotica met een zeer breed werkingsspectrum, of belangrijk voor humaan gebruik)

Samengevat

Antibiotica is geen snoepgoed! We moeten met ons allen streven om gerichter en minder antibiotica te gebruiken, om in de toekomst nog werkende middelen te kunnen garanderen. Dit geldt ook voor toekomstig gebruik bij de mens; uzelf en uw naasten! Medicijnen waarin antibiotica zitten verwerkt, worden dus enkel verstrekt na diagnose door een dierenarts. Dit geldt dus ook voor oor- en oogzalven. Bijvoorbeeld; kunt u zien of er bij een oorontsteking sprake is van een bacterie, oormijt of een gist? Enkel in het eerste geval is antibiotica verantwoord en nuttig.

Bedenk dat er bij de consumptie van dierlijke producten, maar zeker ook door intensief fysiek contact met onze gezelschapsdieren, veel uitwisseling mogelijk is van de menselijke en dierlijke bacteriële flora. Volg voor het gebruik van antibiotica de aanwijzingen van de dierenarts goed op en maak een kuur altijd af.

Met zijn allen op naar een verantwoord gebruik van antibiotica!